NL
Sinds haar afstuderen richt Danielle Hoogendoorn (1990) zich op een directe, intuïtieve benadering van schilderkunst, waarin het alledaagse leven centraal staat. Haar praktijk begon met tekenen en schilderen, maar evolueerde de afgelopen jaren naar een gelaagde werkwijze waarin verf, keramiek en installaties samenkomen.
In korte, intense sessies vertaalt ze haar directe leefomgeving, zoals de jurk van haar dochter, een konijn, de kachel in haar atelier of de geparkeerde Volvo van haar schoonouders, naar krachtige, archetypische beelden. De banaliteit van het onderwerp wordt overstegen door de manier waarop het in verf wordt gevangen. De snelheid van werken dwingt haar tot scherpe keuzes en een directe schilderwijze. Er is geen ruimte voor overpeinzing of symboliek; de kracht van het werk zit in de handeling zelf. Wat je ziet is wat je ziet. De gieter is een gieter, de auto een auto. Toch krijgen deze huis-, tuin- en keukenvoorwerpen door hun schilderkundige vertaling een nieuwe lading. Ze worden abstracter, autonoom en open voor interpretatie.
Vanaf 2020 breidt ze haar praktijk uit met keramiek en readymades. Bestaande objecten worden een schilderij, en eerder geschilderde werken geassembleerd en opnieuw ingezet. Deze verschuiving in materiaalgebruik opent een andere manier van kijken: alles kan schilderij of object worden.
Haar werk is een voortdurende zoektocht naar een vindingrijke vertaling van het alledaagse; niet alleen in verf, maar ook in vorm en materiaal. Of het nu gaat om een impulsief gekozen onderwerp dat op doek verschijnt, een bestaande vorm die in keramiek wordt herhaald, of een readymade die tot schilderij transformeert: steeds staat de benadering centraal. De gieter is gewoon de gieter, de gieter die water geeft aan planten, en dat is precies genoeg.
ENG
Danielle Hoogendoorn (1990) draws her inspiration from everyday life. Objects and scenes that emerge directly from her surroundings; a tree, a cat, the fireplace in her studio, a rabbit, or her parents-in-law’s Volvo form the starting point of her work. What may seem insignificant at first glance is transformed in her paintings into powerful, archetypal images. The speed and intensity with which Hoogendoorn works demand immediate choices. The result transcends the personal and takes on an open, layered meaning.
The intention behind her work arises from her changed life situation. As a mother, time has become a scarce resource, forcing her to rely on impulsive decisions and on whatever is at hand. This limitation turns into a strength: painting itself takes center stage, rather than inventing a subject or assigning deeper symbolism. A watering can remains simply a watering can, a car merely a car, but in paint they acquire a new presence and intensity. Since 2020, Hoogendoorn’s practice has expanded to include ceramics, readymades, and assemblages. By also using existing objects or earlier works as carriers, she explores how the painterly gesture can take on new forms. In this way, an oeuvre develops that is rooted in the everyday, but continually makes the leap to the universal: the ordinary becomes image, and thereby gains an unexpected expressive power.
Sinds haar afstuderen richt Danielle Hoogendoorn (1990) zich op een directe, intuïtieve benadering van schilderkunst, waarin het alledaagse leven centraal staat. Haar praktijk begon met tekenen en schilderen, maar evolueerde de afgelopen jaren naar een gelaagde werkwijze waarin verf, keramiek en installaties samenkomen.
In korte, intense sessies vertaalt ze haar directe leefomgeving, zoals de jurk van haar dochter, een konijn, de kachel in haar atelier of de geparkeerde Volvo van haar schoonouders, naar krachtige, archetypische beelden. De banaliteit van het onderwerp wordt overstegen door de manier waarop het in verf wordt gevangen. De snelheid van werken dwingt haar tot scherpe keuzes en een directe schilderwijze. Er is geen ruimte voor overpeinzing of symboliek; de kracht van het werk zit in de handeling zelf. Wat je ziet is wat je ziet. De gieter is een gieter, de auto een auto. Toch krijgen deze huis-, tuin- en keukenvoorwerpen door hun schilderkundige vertaling een nieuwe lading. Ze worden abstracter, autonoom en open voor interpretatie.
Vanaf 2020 breidt ze haar praktijk uit met keramiek en readymades. Bestaande objecten worden een schilderij, en eerder geschilderde werken geassembleerd en opnieuw ingezet. Deze verschuiving in materiaalgebruik opent een andere manier van kijken: alles kan schilderij of object worden.
Haar werk is een voortdurende zoektocht naar een vindingrijke vertaling van het alledaagse; niet alleen in verf, maar ook in vorm en materiaal. Of het nu gaat om een impulsief gekozen onderwerp dat op doek verschijnt, een bestaande vorm die in keramiek wordt herhaald, of een readymade die tot schilderij transformeert: steeds staat de benadering centraal. De gieter is gewoon de gieter, de gieter die water geeft aan planten, en dat is precies genoeg.
ENG
Danielle Hoogendoorn (1990) draws her inspiration from everyday life. Objects and scenes that emerge directly from her surroundings; a tree, a cat, the fireplace in her studio, a rabbit, or her parents-in-law’s Volvo form the starting point of her work. What may seem insignificant at first glance is transformed in her paintings into powerful, archetypal images. The speed and intensity with which Hoogendoorn works demand immediate choices. The result transcends the personal and takes on an open, layered meaning.
The intention behind her work arises from her changed life situation. As a mother, time has become a scarce resource, forcing her to rely on impulsive decisions and on whatever is at hand. This limitation turns into a strength: painting itself takes center stage, rather than inventing a subject or assigning deeper symbolism. A watering can remains simply a watering can, a car merely a car, but in paint they acquire a new presence and intensity. Since 2020, Hoogendoorn’s practice has expanded to include ceramics, readymades, and assemblages. By also using existing objects or earlier works as carriers, she explores how the painterly gesture can take on new forms. In this way, an oeuvre develops that is rooted in the everyday, but continually makes the leap to the universal: the ordinary becomes image, and thereby gains an unexpected expressive power.